Omzendbrief na vernietigingsarrest over OCMW-steun voor vreemdelingen

Op 18 mei 2017 heeft het Grondwettelijk Hof artikel 57sexies van de OCMW-wet vernietigd. En nu is er een omzendbrief verschenen die een en ander verduidelijkt. De OCMW's krijgen vier maanden de tijd om de betrokken dossiers te herzien.

Verblijfsrecht

Die bepaling stelt dat maatschappelijke dienstverlening niet verschuldigd is aan vreemdelingen die hier verblijven op basis van artikel 9bis van de Vreemdelingenwet (buitengewone omstandigheden en identiteitsdocument), omwille van een arbeidskaart B of een beroepskaart (beperkt verblijfsrecht in België (A-kaart)).

Het Grondwettelijk Hof besluit dat het niet te verantwoorden is dat een abstract gedefinieerde categorie van vreemdelingen die legaal op het grondgebied verblijven, wordt uitgesloten van het recht om een beroep te doen op maatschappelijke dienstverlening in geval van een door het OCMW gecontroleerde situatie van behoeftigheid.

Vernietiging

De vernietiging impliceert dat die categorie van personen voortaan aanspraak kan maken op het recht op maatschappelijke dienstverlening.

De vernietigingsarresten van het Grondwettelijk Hof hebben een absoluut gezag van gewijsde. Dit betekent dat dit arrest, vanaf de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, voor iedereen geldt. Nieuwe beslissingen (vanaf de bekendmaking) moeten in overeenstemming zijn met het nieuwe geldende recht.

Omzendbrief

Een omzendbrief die gericht is aan de OCMW's verduidelijkt naar aanleiding van deze beslissing, dat alle lopende beslissingen worden herzien. Dat zijn beslissingen die voor de publicatiedatum van het arrest in het Belgisch Staatsblad 'begonnen' zijn en waarvan de duur deze datum overschrijdt.

Let op! Uit de omzendbrief blijkt dat het OCMW over vier maanden beschikt om de betrokken dossiers te herzien, te tellen vanaf de publicatiedatum van deze omzendbrief.

Logischerwijs heft de omzendbrief de ministeriële omzendbrief van 22 januari 2016 over de interpretatie van artikel 57sexies op. Ook punt 2 van de omzendbrief van 10 juli 2013 betreffende de programmawet van 28 juni 2013 wordt opgeheven.

Rechtsmiddelen

Beslissingen die werden genomen op het vlak van het recht op maatschappelijke dienstverlening voor de personen die behoren tot het persoonlijk toepassingsgebied van artikel 57sexies, kunnen indien dit nog mogelijk is, worden herzien door gebruik te maken van de gewone rechtsmiddelen.

'Naast het gebruik van de gewone rechtsmiddelen waar dat nog mogelijk is, laat de bijzondere wet toe dat definitieve rechterlijke of administratieve akten en reglementen die zijn gesteund op een naderhand vernietigde wetskrachtige norm worden ingetrokken of nog worden bestreden, voor zover dit wordt gevraagd binnen de zes maanden na de bekendmaking van het arrest van het Hof in het Belgisch Staatsblad. Het openbaar ministerie en de belanghebbende partijen beschikken daartoe over buitengewone rechtsmiddelen', zo klinkt het op de website van het Grondwettelijk Hof.

Bron: Omzendbrief van 13 juli 2017 betreffende arrest nr. 61/2017 van het Grondwettelijk Hof van 18 mei 2017 betreffende artikel 57sexies van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de OCMW's, BS 19 juli 2017

Zie ook:
18 mei 2017 - Arrest nr. 61/2017 (uittreksel), BS 13 juli 2017