Breedbandinternet verplicht voor alle nieuwe woningen en gebouwen

Sinds 21 juli 2017 moeten alle nieuwe woningen en gebouwen in het Vlaamse gewest ?breedband-klaar? gebouwd worden. Oorspronkelijk was voorzien dat die verplichting zou gelden voor alle vergunningsaanvragen die na 31 december 2016 waren ingediend, maar de Raad van State had bedenkingen bij de terugwerkende kracht.
De verplichting om nieuwe gebouwen uit te rusten met infrastructuur voor breedband is een Europese verplichting, die in het Vlaamse gewest werd omgezet via een gewestelijke stedenbouwkundige verordening. De Vlaamse regering maakt echter maximaal gebruik van de mogelijkheid om vrijstelling te verlenen ?

Voor nieuwe woningen en gebouwen

Alle gebouwen op de locatie van de eindgebruiker, met inbegrip van elementen daarvan in gezamenlijke eigendom, waarvoor:

aanvragen voor stedenbouwkundige vergunningen of omgevingsvergunningen voor stedenbouwkundige handelingen worden ingediend, of

meldingen worden verricht,

moeten uitgerust worden met een voor hoge snelheid bestemde fysieke binnenhuisinfrastructuur tot de netwerkaansluitpunten, staat er in de nieuwe gewestelijke stedenbouwkundige verordening.

Die fysieke binnenhuisinfrastructuur moet toegang verlenen tot een elektronisch communicatienetwerk met hoge snelheid en dat is volgens de richtlijn die aan deze stedenbouwkundige verordening ten grondslag ligt: een elektronisch communicatienetwerk dat breedbandtoegangsdiensten kan leveren met snelheden van minstens 30 megabits per seconde (Mbps).

Voor appartementen

Alle meergezinswoningen waarvoor:

aanvragen voor stedenbouwkundige vergunningen of omgevingsvergunningen voor stedenbouwkundige handelingen worden ingediend, of

meldingen worden verricht,

moeten binnen of buiten het gebouw uitgerust worden met een toegangspunt.

Ook bij renovatie

De verplichting om een binnenhuisinfrastructuur te hebben die geschikt is voor snel internet of om in of rond de woning een toegangspunt te hebben, geldt ook wanneer iemand op of na 21 juli 2017 een vergunningsaanvraag indient of een melding verricht voor belangrijke renovatiewerken.

En 'belangrijke renovatiewerken' zijn: de bouwwerkzaamheden of civieltechnische werken op de locatie van de eindgebruiker die de gehele fysieke binnenhuisinfrastructuur, of een aanzienlijk deel daarvan, structureel wijzigen, en waarvoor een stedenbouwkundige vergunning of omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of een meldingsakte is vereist.

Pardon?

Om advies gevraagd, benadrukten de deskundigen van de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening - Onroerend Erfgoed (Saro) dat de formulering van de nieuwe verplichting 'erg complex is' en 'verduidelijking' vereist.
Maar de bevoegde minister waagt zich niet daar niet aan: ?De formulering komt van de Europese richtlijn en de Vlaamse regering neemt niet het risico dat de richtlijn niet correct zou zijn omgezet?.

Onbeperkte of beperkte vrijstelling

De regering maakt wel maximaal gebruik van de mogelijkheid die de richtlijn biedt om vrijstelling te verlenen van de breedband-verplichting. De volgende gebouwen zijn volledig vrijgesteld van de verplichting:

bijgebouwen, zoals tuinhuizen of garages;

gebouwen met een militaire functie; en

niet-verplaatsbare toeristische verblijven. Dat zijn weekendverblijven. De overheid wil hier vermijden dat een breedbandaansluiting zou aanzetten tot permanente bewoning, want dat is verboden.

De volgende gebouwen zijn vrijgesteld, voor zover zij niet toegankelijk zijn voor het publiek:

gebouwen met een functie ?Gemeenschapsvoorzieningen en openbarenutsvoorzieningen?, zoals jeugdlokalen, woonzorgcentra, meteorologische stations, uitkijktorens, funeraria, opslagplaatsen voor strooizout of technische lokalen bij een waterzuiveringsstation;

gebouwen met de functie industrie en bedrijvigheid in de ruime zin, of met de functie land- en tuinbouw in de ruime zin, zoals stallen of voederopslagplaatsen, met uitzondering van de bedrijfswoning. Maar als een industriegebouw een ruimte heeft waartoe het publiek of potentiële kopers toegang hebben, dan is het gebouw publiek toegankelijk en geldt de breedbandverplichting wél; en

beschermde monumenten, met uitzondering van beschermde gebouwen met de functie wonen?

Via een gewestelijke stedenbouwkundige verordening

De Vlaamse regering voert de nieuwe verplichting in via een gewestelijke stedenbouwkundige verordening, en niet via een besluit van de Vlaamse regering. En dit omdat het snel moest gaan.
Het Vlaamse Gewest had eigenlijk gepleit voor een federale omzetting van deze bepaling, maar toen bleek dat de gewesten de maatregel moesten omzetten, was er al veel tijd verloren gegaan en bleek er in Vlaanderen geen decretale bepaling te bestaan die als grondslag zou kunnen dienen voor een uitvoeringsbesluit over breedband in alle woningen.
Europa eiste bovendien dat de maatregel op 31 december 2016 zou ingaan. Eerst nog een decreet maken en vervolgens een besluit afkondigen, zou te veel tijd in beslag nemen.

Gelukkig bevat de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) een bepaling die toelaat om voor de aanleg van voorzieningen voor telecommunicatie een gewestelijke stedenbouwkundige verordening af te kondigen. En de stedenbouwkundigeverordeningsprocedure is een snelle procedure. Het volstaat de tekst in openbaar onderzoek te laten gaan, het advies van de strategische adviesraad (hier: Saro) op te vragen, een overlegvergadering te organiseren met de lokale besturen, en klaar is Kees.

Het openbaar onderzoek over de breedbandverordening werd aangekondigd in het Belgisch Staatsblad van 9 februari 2017. Het onderzoek zelf vond plaats tussen 21 februari en 23 maart, en aangezien er daarop geen enkele reactie (!) binnenkwam, kon de definitieve verordening al gepubliceerd worden in het Belgisch Staatsblad van 11 juli 2017.

Hoe handhaven?

Het is volgens de Vlaamse regering niet nodig dat de informatie over breedband wordt aangeduid op de bouwplannen. De richtlijn en de gewestelijke stedenbouwkundige verordening leggen dat niet op, lezen we in nota van de minister aan de leden van de Vlaamse regering.
?De eis dat gebouwen breedbandklaar moeten worden gebouwd, geldt uit kracht van de verordening, ongeacht of de vergunningverlenende overheid hier enig nazicht aan koppelt, of zonder dat ze het als voorwaarde aan de vergunning koppelt?.

Sinds 21 juli 2017

Het besluit van de Vlaamse regering tot vaststelling van de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake breedband treedt 10 dagen na publicatie in werking. Dat is op 21 juli 2017.

Eigenlijk had de verordening al eerder in werking moeten treden, want Europa eiste dat de breedbandverplichting zou gelden voor alle gebouwen waarvoor na 31 december 2016 aanvragen voor bouwvergunningen werden ingediend, maar na kritiek van de Raad van State schrapte de Vlaamse regering die terugwerkende kracht.

Van toepassing:

Vlaamse Gewest.

Vanaf 21 juli 2017. Wettelijke regeling van 10 dagen na publicatie in BS.

Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 9 juni 2017 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake breedband, BS 11 juli 2017.

Zie ook:

Richtlijn 2014/61/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 inzake maatregelen te verlaging van de kosten van de aanleg van elektronische communicatienetwerken met hoge snelheid, Pb.L. 23 mei 2014, afl. 155 (art. 8 van de BBC-richtlijn, waarbij BBC staat voor Broadband Cost).

Aankondiging publieke raadpleging, BS 9 februari 2017.

?Nota aan de leden van de Vlaamse Regering; Betreft: Ontwerp van besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening?, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw.

?Advies van 25 januari 2017 over de gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake breedband?, Saro.