Crowdfunding: betere bescherming voor beleggers financieringsvehikels (art. 35 en art. 36 DB Fiscaal)

De wet van 18 december 2016 omkadert voornamelijk de activiteiten van de alternatieve financieringsplatformen die via crowdfunding financieringsinstrumenten commercialiseren die uitgegeven worden door een intermediair financieringsvehikel, dat op zijn beurt belegt in een onderneming.

Om de beleggers die in het bezit zijn van beleggingsinstrumenten die het financieringsvehikel heeft uitgegeven, nog beter te beschermen, heeft de wet van 31 juli 2017 enkele nieuwe regels ingevoerd.

Zo is voortaan de instemming vereist van de beleggers die beleggingsinstrumenten bezitten die door het financieringsvehikel zijn uitgegeven, voor de stem die het financieringsvehikel tijdens de algemene vergadering van de onderliggende vennootschap uitbrengt, of voor het sluiten of wijzigen van een aandeelhoudersovereenkomst.

Nieuwe beschermingsregels

Net zoals voordien mag het financieringsvehikel de rechten en verplichtingen van de beleggers ingevolge hun belegging in het financieringsvehikel, niet eenzijdig wijzigen.

De rechten en verplichtingen van het financieringsvehikel die voortvloeien uit de leningen die zijn toegestaan aan de ondernemer-emittent, mogen niet gewijzigd worden zonder instemming van de houders van de door het financieringsvehikel uitgegeven beleggingsinstrumenten die besluiten met inachtneming van de voorwaarden inzake quorum en meerderheid bedoeld in artikel 574 en artikel 575 van het Wetboek van vennootschappen (W.Venn.). De artikelen 570 tot 580 van het W.Venn. zijn van overeenkomstige toepassing.

Sinds 21 augustus 2017 mag het financieringsvehikel (wijziging art. 28, § 1, 1°, wet crowdfunding door art. 36, wet van 31 juli 2017):

a) als tijdens de algemene vergadering wordt beslist over een wijziging van de statuten van de ondernemer-emittent die de rechten of de economische positie van de houders van de door het financieringsvehikel uitgegeven beleggingsinstrumenten in het gedrang kan brengen, zijn stemrechten enkel uitoefenen, of

b) in een aandeelhoudersovereenkomst over de ondernemer-emittent wijzigingen die de rechten of de economische positie van de houders van de door het financieringsvehikel uitgegeven beleggingsinstrumenten in het gedrang kunnen brengen, enkel aanbrengen,

op de wijze goedgekeurd door de houders van de door dat financieringsvehikel uitgegeven beleggingsinstrumenten, die zich uitspreken met inachtneming van de voorwaarden inzake quorum en meerderheid bedoeld in artikel 574 en artikel 575 van het Wetboek van vennootschappen (W.Venn.). De artikelen 570 tot 580 van het W.Venn. zijn van overeenkomstige toepassing.

Bovenstaande nieuwe regels gelden niet als de ondernemer-emittent failliet is verklaard, een minnelijk akkoord is aangegaan of onderworpen is aan een procedure van gerechtelijke reorganisatie.

Sinds 21 augustus 2017 worden ook, voorafgaand aan de inschrijving, de houders van de door het financieringsvehikel uitgegeven beleggingsinstrumenten in kennis gesteld van de aspecten van de door het financieringsvehikel afgesloten of af te sluiten aandeelhoudersovereenkomst die een impact hebben op hun rechten of hun economische positie. Wijzigingen met betrekking tot die aspecten kunnen enkel conform punt b) hierboven worden aangebracht.

Wijziging prospectuswet

De wet van 18 december 2016 heeft in de prospectuswet een nieuwe uitzondering ingevoerd op de prospectusplicht die geldt bij openbare aanbiedingen, en die van toepassing is (art. 18, § 1, k), prospectuswet):

voor zover voor maximum 5.000 euro per belegger kan worden ingegaan op de openbare aanbieding, de totale tegenwaarde van de aanbieding minder bedraagt dan 300.000 euro, een document beschikbaar wordt gesteld voor de beleggers met informatie over de aard en het bedrag van de aangeboden beleggingsinstrumenten en over de redenen voor en de modaliteiten van de aanbieding, en

voor zover de beleggingsinstrumenten worden gecommercialiseerd door een alternatieve-financieringsplatform of een gereglementeerde onderneming in het kader van de wet van 18 december 2016, en

voor zover alle documenten met betrekking tot de openbare aanbieding de totale tegenwaarde van die openbare aanbieding en de maximale belegging per belegger vermelden.

Wie van deze uitzondering op de prospectusplicht gebruik wil maken, moet dat sinds 21 augustus 2017 vóór de aanvang van de openbare aanbieding melden aan de FSMA en haar alle vereiste documenten bezorgen zodat zij kan nagaan of aan alle opgelegde voorwaarden is voldaan, alsook om de 12 maanden in het geval van een continue aanbieding (aanpassing art. 18, § 3, tweede lid, prospectuswet door art. 35, wet van 31 juli 2017).

In werking

Deze maatregelen treden in werking op 21 augustus 2017, tien dagen nadat de wet van 31 juli 2017 in het Belgisch Staatsblad verscheen.

Bron: Wet van 31 juli 2017 houdende diverse financiële en fiscale bepalingen en houdende maatregelen inzake concessieovereenkomsten, BS 11 augustus 2017 (art. 35 en art. 36).

Zie ook:
- Wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt, BS 21 juni 2006 (prospectuswet) (art. 18, § 1, a), i), j) en k) en § 3, tweede lid).
- Wet van 18 december 2016 tot regeling van de erkenning en de afbakening van crowdfunding en houdende diverse bepalingen inzake financiën, BS 20 december 2016 (wet crowdfunding) (art. 28, § 1).