Kinderbijslag gegarandeerd tijdens verlenging beroepsinschakelingstijd

Het KB op de kinderbijslag voor loonarbeiders bepaalt dat de kinderbijslag onder bepaalde voorwaarden gedurende een periode van 360 kalenderdagen wordt toegekend voor een kind dat studies, een leertijd, een vorming of een stage om in een ambt te worden benoemd, beëindigt.

In bepaalde gevallen wordt die periode verlengd. Onder andere met de door de RVA bepaalde periode waarmee de beroepsinschakelingstijd verlengd wordt tot het kind een tweede positieve evaluatie van de inspanningen om werk te vinden krijgt. Voortaan worden daar geen extra voorwaarden meer aan verbonden. De passgage over de aanvraag van een nieuwe evaluatie van het zoeken naar werk wordt geschrapt met ingang van 1 januari 2016, na goedkeuring door de respectievelijke bevoegde wetgevers.

De toekenningsvoorwaarden van de kinderbijslag voor de jonge werkzoekende schoolverlaters tijdens de verlenging van de beroepsinschakelingstijd worden aangepast om bepaalde situaties van ongelijke behandeling weg te werken. Die waren ontstaan bij de regionalisering van de controle van de actieve beschikbaarheid. Het is uiteraard ook de bedoeling om de verdere toekenning van de kinderbijslag tijdens de verlengde beroepsinschakelingstijd in de vier regio's te kunnen garanderen.

Deze wijziging is opgenomen in een samenwerkingsakkoord van 31 juli 2017. Het werd afgesloten tussen de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de Duitstalige Gemeenschap.
Zo'n akkoord is nodig want voor iedere essentiële wijziging aan de kinderbijslagregels is een samenwerkingsakkoord tussen de bevoegde deelentiteiten nodig, totdat de regio's hun bevoegdheid definitief en volledig hebben uitgevoerd. Dankzij de zesde staatshervorming hebben zij de bevoegd rond gezinsbijslagen gekregen.

Bron: Samenwerkingsakkoord van 31 juli 2017 tussen de Vlaamse Gemeenschap, het Waalse Gewest, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de Duitstalige Gemeenschap betreffende de wijziging van het koninklijk besluit van 12 augustus 1985 tot uitvoering van artikel 62, § 5, van de Algemene kinderbijslagwet en de wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 1965 betreffende de kinderbijslag voor bepaalde categorieën van het door de staat bezoldigd personeel alsmede voor de personeelsleden van het operationeel kader en van het administratief en logistiek kader van de korpsen van de lokale politie, BS 27 oktober 2017