MiFID II-richtlijn gedeeltelijk omgezet in Belgisch recht

De wet van 21 november 2017 zet de MiFID II-richtlijn gedeeltelijk om in Belgisch recht. Deze wet verscheen in het Belgisch Staatsblad van 7 december 2017 en telt in totaal 262 artikels.

De nieuwe wet treedt grotendeels in werking op 3 januari 2018 !

MiFID II-richtlijn

De MiFID II-richtlijn (richtlijn 2014/65/EU) wil de financiële markten robuuster en transparanter maken. Ze schept een nieuw rechtskader dat handelsactiviteiten op financiële markten beter reglementeert en dat voor een betere beleggersbescherming zorgt.
De MiFID II-richtlijn herziet de vigerende wetgeving en treedt in werking op 3 januari 2018 (dus een jaar uitstel, overeenkomstig richtlijn (EU) 2016/1034).

De EU-landen moesten de richtlijn tegen uiterlijk 3 juli 2017 in nationaal recht omzetten?

De aspecten van de MiFID II-richtlijn die een aanpassing van reglementaire teksten vereisen, zullen bij koninklijk besluit worden omgezet.

Nieuwigheden ingevoerd door MiFID II

Op het vlak van de gereglementeerde markten voert de MiFID II-richtlijn aanvullende vereisten in, voornamelijk inzake het aantal bestuursfuncties dat een lid van het leidinggevend orgaan mag uitoefenen, en de oprichting van een benoemingscomité binnen het leidinggevend orgaan van significante marktexploitanten (art. 45, MiFID II-richtlijn).

De MiFID II-richtlijn bevat ook nieuwe vereisten met betrekking tot de weerbaarheid en de capaciteit van de handelssystemen van de gereglementeerde markt, en met betrekking tot de mogelijkheid voor de gereglementeerde markt om orders af te wijzen die volumedrempels overschrijden of duidelijk foutief zijn, of om de handel tijdelijk stil te leggen of te beperken als er op de markt aanzienlijke koersbewegingen zijn. Daarnaast bevat de richtlijn ook specifieke maatregelen ter omkadering van de algoritmische handel (art. 48, MiFID II-richtlijn).

Daarnaast voert de MiFID II-richtlijn een kennisgevingsprocedure in tussen de marktexploitant en de bevoegde autoriteit, en ook tussen de verschillende bevoegde autoriteiten, om de coherente toepassing te garanderen van de beslissingen tot opschorting van de handel in financiële instrumenten en tot uitsluiting van financiële instrumenten van de handel op een gereglementeerde markt (art. 52, MiFID II-richtlijn).

De MiFID II-richtlijn voert ook een nieuwe categorie van multilaterale handelsfaciliteiten in: de georganiseerde handelsfaciliteit of 'OTF?s? (organised trading facility).
Het grootste verschil tussen de OTF's enerzijds, en de gereglementeerde markten en de multilaterale handelsfaciliteiten of MTF's (multilateral trading facility), anderzijds, is de nadere uitvoering van de orders: in tegenstelling tot de gereglementeerde markten en de MTF's, heeft de exploitant van een OTF een discretionaire bevoegdheid over de manier waarop de transacties worden verricht.
Op een OTF wordt enkel in bepaalde financiële instrumenten (obligaties, gestructureerde financiële instrumenten, emissierechten en derivaten) gehandeld.

De MiFID II-richtlijn stelt ook een kader in voor het verlenen van kerndiensten inzake marktgegevens. Er worden drie verschillende statuten ingevoerd, elk voor een bepaald type van informatieverstrekking:

het statuut van ?goedgekeurde publicatieregeling? (met een vergunning voor dienstverlening op het vlak van de publicatie van transactiemeldingen);

het statuut van ?verstrekker van een consolidated tape? (met een vergunning voor dienstverlening op het vlak van het verzamelen van handelsverslagen) en;

het statuut van ?goedgekeurd rapporteringsmechanisme? (met een vergunning voor dienstverlening inzake het rapporteren van transacties).

Dit moet de gebruikers in staat stellen om zich het gewenste beeld van de handelsactiviteit op de financiële markten te vormen, en de bevoegde autoriteiten kunnen zo accurate en uitvoerige informatie over relevante transacties ontvangen.

Vervolgens stelt de MiFID II-richtlijn een toezichtsregeling in voor de grondstoffenderivatenmarkt, waarbij de bevoegde autoriteiten positielimieten moeten opleggen, en waarbij transparantievereisten worden ingevoerd in verband met de aangehouden posities.

De MiFID II-richtlijn voorziet, voor wat betreft de toegang tot de activiteit van het verlenen van beleggingsdiensten, in nieuwe vrijstellingen die hoofdzakelijk betrekking hebben op de handel voor eigen rekening, waaraan nieuwe voorwaarden zijn gekoppeld en waarbij een onderscheid wordt gemaakt naargelang de activiteit grondstoffenderivaten, emissierechten of derivaten op emissierechten, dan wel andere soorten financiële instrumenten.

Artikel 3 van de MiFID II-richtlijn voorziet ook in een nieuwe optionele vrijstelling voor de sector van de energie en de emissierechten.

Tot slot voorziet de MiFID II-richtlijn in een specifieke regeling voor de beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van derde Staten.

Bij de vergunningsvoorwaarden voor de beleggingsondernemingen valt een aanscherping van de governancevereisten op: sommige bepalingen van de zogenaamde ?CRD IV-richtlijn? over het prudentiële toezicht van de kredietinstellingen worden van toepassing op de beleggingsondernemingen, en er zijn nieuwe governancevereisten voor het leidinggevend orgaan en van nieuwe regels inzake de cumulatie van mandaten.

Artikel 16 en artikel 17 van de MiFID II-richtlijn voorzien ook in nieuwe organisatorische vereisten, in hoofdzaak voor de beleggingsondernemingen die financiele instrumenten ontwikkelen voor verkoop, en voor de beleggingsondernemingen die aan algoritmische handel doen, die directe elektronische toegang tot een handelsplatform aanbieden of die als general clearing member optreden.

Ook wordt voorzien in een nieuwe verplichting om telefoongesprekken en elektronische communicatie op te nemen met betrekking tot de transacties die in het kader van bepaalde beleggingsdiensten of -activiteiten worden gesloten, onder meer om het toezicht door de regulatoren efficiënter te maken.

Wat de gedragsregels betreft, moet in hoofdzaak worden gewezen op de nieuwe vereisten die gelden bij de verstrekking van beleggingsadvies, als dat advies op onafhankelijke basis wordt verstrekt, de nieuwe vereisten inzake inducements en de nieuwe vereisten inzake best execution.

Tot slot worden bepaalde vereisten en gedragsregels van de MiFID II-richtlijn van toepassing verklaard op de beleggingsondernemingen en de kredietinstellingen ingeval zij gestructureerde deposito's commercialiseren of cliënten advies verstrekken over dergelijke deposito's.

Omzetting MIFID II-richtlijn

Alle aspecten in verband met de marktinfrastructuren worden gebundeld in een afzonderlijke wet, nl. de 'wet over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten'. De overige aspecten van de MiFID II-richtlijn, namelijk de bepalingen over de toegang tot het beleggingsdienstenbedrijf, de vergunningsvoorwaarden en -procedure voor beleggingsondernemingen, en de bedrijfsuitoefeningsvoorwaarden die de beleggersbescherming moeten garanderen (gedragsregels), worden in Belgisch recht omgezet via wijzigingsbepalingen van de wetten die deze verschillende aspecten regelen in het Belgisch recht.

De wet van 21 november 2017 omvat alle huidige bepalingen van de 'wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten', die handelen over de gereglementeerde markten en de marktexploitanten, én de passages uit het 'KB van 3 juni 2007 tot bepaling van nadere regels tot omzetting van de richtlijn betreffende markten voor financiële instrumenten', die handelen over de MTF's.
Er werd dus geopteerd om de toepasselijke wettelijke regeling grotendeels in de wet te bundelen. Maar toch wordt ook voorzien in machtigingen aan de Koning voor de punten van de MIFID II-richtlijn waarvoor ESMA technische reguleringsnormen moet uitwerken.

De wettelijke regeling rond de openbaarmaking van handelsgegevens en de handel in derivaten op georganiseerde markten zit grotendeels vervat in de 'MiFIR-verordening'. Verschillende elementen van deze regeling komen ook aan bod in gedelegeerde verordeningen die de Europese Commissie in 2016 heeft vastgesteld.
Aangezien deze verordeningen rechtstreeks van toepassing zijn in het Belgisch recht, vereisen zij geen specifieke omzettingsmaatregelen. Daarom heft de wet van 21 november 2017 verschillende artikelen van de 'wet van 2 augustus 2002' op.

De wetgever heeft ervoor geopteerd om de MIFID II-Richtlijn zo getrouw mogelijk in Belgisch recht om te zetten en de bewoordingen van de Richtlijn zoveel mogelijk te behouden.
Een aantal verworvenheden die uit het bestaande recht voortvloeien, blijven echter behouden, in hoofdzaak wat de regeling inzake de gereglementeerde markten en de voor de beleggingsondernemingen geldende organisatorische en governancevereisten betreft.

Specifieke punten:

er wordt afgestapt van het beginsel van een afzonderlijke vergunning voor de marktondernemingen en voor de gereglementeerde markten. De wet van 21 november 2017 voorziet in één enkele vergunning voor de gereglementeerde markt, die enkel wordt verleend als deze markt en haar marktexploitant aan de voorwaarden van de wet voldoen. In de nieuwe wet wordt, net zoals in de MiFID II-richtlijn, de term ?marktexploitant? gebruikt, in plaats van ?marktonderneming?;

de bevoegdheid van de minister van Financiën voor de toekenning en de intrekking van de vergunning van de gereglementeerde markt blijft behouden. De minister zal tijdens de bedrijfsuitoefening ook bijkomende voorwaarden kunnen koppelen aan de vergunning als zich belangrijke wijzigingen in de elementen van het vergunningsdossier voordoen;

de voorafgaande goedkeuring van de marktregels (rulebook) van de gereglementeerde markten door de FSMA blijft behouden. Om het Belgisch recht in overeenstemming te brengen met de geldende regeling in andere landen waar de marktexploitant Euronext actief is (Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Nederland en Portugal), bepaalt de wet dat het voortaan de marktexploitant is die moet nagaan of de ter uitvoering van de marktregels genomen onderrichtingen en circulaires stroken met de marktregels;

de regels over de door de Staat en de openbare instanties uitgegeven financiële instrumenten zijn aangepast als gevolg van de opheffing van het Rentenfonds en de oprichting van het Federaal Agentschap van de Schuld.

In werking

De wet van 21 november 2017 treedt grotendeels in werking op 3 januari 2018.

Sommige artikelen ervan treden echter eerder of later in werking.

Bron: Wet van 21 november 2017 over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, BS 7 december 2017.

Zie ook:
- Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU, Pb.L. 173, 12 juni 2014, err. Pb.L. 188, 13 juli 2016, err. Pb.L. 273, 8 oktober 2016, err. Pb.L. 64, 10 maart 2017 (MIFID II-Richtlijn)
- Richtlijn (EU) 2016/1034 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juni 2016 tot wijziging van Richtlijn 2014/65/EU betreffende markten voor financiële instrumenten, Pb.L. 175, 30 juni 2016.