Vrije beroepen meestal vrijgesteld van billijke vergoeding uitvoerende muziekartiesten en producenten

Alle regels rond de billijke vergoeding voor uitvoerende muziekartiesten en producenten zijn sinds 1 januari 2018 gegroepeerd in één besluit. De billijke vergoeding die vrije beroepen tot nu moesten betalen, verdwijnt. Alleen in een beperkt aantal gevallen moeten vrije beroepers nog betalen. En de zeer hoge tariefverhogingen voor wie de billijke vergoedingen te laat betaalt, zijn ook afgeschaft.    

Eén besluit

Muziekproducenten en uitvoerende muziekartiesten (zoals zangers, muzikanten) hebben recht op een vergoeding voor de openbare uitvoering van hun fonogrammen of de uitzending ervan via de radio. Het gaat hier om de zgn. billijke vergoeding voor uitvoerende kunstenaars en producenten. Alle billijke vergoedingen staan voortaan gegroepeerd in één enkel besluit.

Tot nu werden de billijke vergoedingen in hoofdzaak geregeld via beslissingen van de Commissie 'billijke vergoedingen'. Door de ganse regeling in één besluit op te nemen wil de overheid de zaken overzichtelijk houden en de ongerechtvaardigde verschillen tussen de verschillende bijdrageplichtige sectoren wegwerken.

Afspelen van muziek

Het nieuwe besluit is concreet van toepassing op het afspelen van muziek

in verkooppunten en handelsgalerijen;

in uitbatingspunten voor promotie, verkoop of verhuur van goederen en diensten;

in polyvalente zalen, jeugdhuizen en culturele centra;

bij tijdelijke binnenactiviteiten en tijdelijke activiteiten in openbare lucht;

bij kappers en schoonheidsspecialisten;

bij uitbaters van lokalen voor audiovisuele vertoningen en bij organisatoren van tijdelijke activiteiten van vertoning van audiovisuele werken;

in horeca-inrichtingen, discotheken en dancings;

in bedrijven, verenigingen en openbare diensten, op plaatsen die alleen toegankelijk zijn voor het personeel.

Het besluit is ook toepasselijk op de uitzendingen van muziek via radio-omroepen. Schoolradio's vallen niet onder zijn toepassingsgebied.

Elektronische formulieren

De beheersvennootschappen stellen per sector elektronische formulieren op waarop de uitbaters of radio-omroepen de verplicht mee te delen gegevens moeten invullen.

Het nieuwe besluit bepaalt welke gegevens iedere uitbater of radio-omroep altijd moet meedelen.  Daarnaast zijn er per sector nog een aantal extra inlichtingen mee te delen, zodat de billijke vergoeding correct kan berekend worden.

Tarieven

Een hele hoop tarieven, dat vinden we terug in het nieuwe besluit. Voor de verschillende uitbatingen zijn er telkens eigen tarieven.

Verkooppunten en handelsgalerijen

Het jaarlijks bedrag van de billijke vergoeding voor de verkooppunten en handelsgalerijen en voor de uitbatingspunten voor promotie, verkoop of verhuur van goederen en diensten hangt af van de netto verkoopoppervlakte of de uitbatingsoppervlakte. Het aantal openingsdagen is van geen belang. In het tarief is het tijdelijk afspelen van muziek gedurende maximaal 24 uur per jaar (bv. bij een opendeurdag) inbegrepen. Bij een permanente buitenactiviteit worden de tarieven gehalveerd.

Voor de tijdelijke openbare uitvoering van fonogrammen in die verkooppunten, handelsgalerijen en uitbatingspunten gelden afzonderlijke tarieven. Ook zij hangen af van de oppervlakte. De tarieven gelden per 24 uur. Als de oppervlakte niet kan berekend worden, dan hangt de billijke vergoeding af van het aantal luidsprekers. De vergoeding geldt in dat geval per begonnen periode van 48 uur.

Polyvalente zalen, jeugdhuizen en culturele centra

Voor polyvalente zalen, jeugdhuizen en culturele centra zijn er verschillende tariefmogelijkheden:

voor zalen, jeugdhuizen en culturele centra die op regelmatige basis activiteiten organiseren zonder drank;

voor jeugdhuizen die regelmatig activiteiten organiseren met drank of met dans (met of zonder drank);

voor polyvalente zalen die geregeld activiteiten organiseren met drank of met dans; en

voor culturele centra die regelmatig activiteiten met drank organiseren.

In alle gevallen is de oppervlakte van de zaal, het jeugdhuis of het centrum de bepalende factor in de berekening van de billijke vergoeding.

Tijdelijke binnenactiviteiten

De tarieven bij tijdelijke binnenactiviteiten worden bepaald door de hoofdactiviteit in een binnenruimte (bv. een hal, een zaal). De oppervlakte van de ruimte bepaalt het tarief. Heeft dezelfde activiteit plaats in verschillende ruimtes, dan mogen de oppervlaktes samengeteld worden. De tarieven gelden per begonnen periode van 24 of 48 uur volgend op de start van de activiteit. De tarieven voor de activiteiten 'met dans' houden ook rekening met de hoogste inkomprijs.

Er zijn tarieven voor activiteiten:

zonder drank per 48 uur;

met drank per 24 uur; en

met dans per 24 uur.

Tijdelijke activiteiten in open lucht

De tarieven bij tijdelijke activiteiten in open lucht worden bepaald per begonnen periode van 24 of 48 uur. Er zijn tarieven voor activiteiten

zonder drank per 48 uur (op basis van oppervlakte of - als die niet kan berekend worden - op basis van het aantal luidsprekers);

met drank per 24 uur (op basis van oppervlakte);

met dans per 24 uur (op basis van oppervlakte).

Tarieven voor radio-omroepen

De jaarlijkse billijke vergoeding die lokale radio-omroepen moeten betalen hangt af van het aantal luisteraars.

De tarieven voor niet-lokale radio-omroepen hangen af van het aantal uren muziek, het publiek en de financiële middelen van de radio-omroep.

Kappers en schoonheidsspecialisten

De billijke vergoeding van kappers en schoonheidsspecialisten is een vast bedrag. Er zijn twee bedragen: een voor ambachtelijke salons en een voor professionele.

Lokalen voor audiovisuele vertoning

Het aantal zitplaatsen bepaalt de billijke vergoeding die uitbaters van lokalen voor audiovisuele vertoningen betalen. Voor drive-ins is het aantal staanplaatsen voor personenauto's beslissend.

Voor een organisator van tijdelijke activiteiten van vertoning van audiovisuele werken wordt de billijke vergoeding vastgesteld per dag en per zitplaats (of standplaats).

Horeca-inrichtingen, discotheken en dancings

Bij horeca-inrichtingen zijn verschillende tariefregelingen mogelijk:

voor horeca-inrichtingen met een permanente oppervlakte: het tarief wordt bepaald in functie van de oppervlakte;

voor horeca-inrichtingen met een occasionele oppervlakte: als die occasionele oppervlakte niet door een vaste constructie is afgescheiden van de permanente dan wordt zij bij de permanente oppervlakte gevoegd. Is er wel een vaste afscheiding, dan bedraagt het tarief voor de occasionele oppervlakte de helft van het tarief voor de permanente.

Voor dancings en discotheken hangt het tarief af van de oppervlakte én het aantal openingsdagen per week of per maand. Voor occasionele openingsdagen is een aanvullende vergoeding verschuldigd. In horeca-inrichtingen met regelmatige dansactiviteiten hangt het tarief af van de oppervlakte.

Het tarief voor kamers in logiesverstrekkende inrichtingen hangt af van de comfortklasse van de kamer. Hoe hoger de comfortklasse, hoe hoger de tarieven.

En het tarief voor een ambulante horeca-inrichting hangt af van de oppervlakte van het kraam, ongeacht het aantal openingsdagen.

Ondernemingen, verenigingen en openbare diensten

De billijke vergoeding die moet betaald worden voor muziek op de arbeidsplaats wordt vastgesteld in functie van het aantal werknemers vermeld in de sociale balans of in functie van het aantal werknemers bij wie de muziek wordt afgespeeld.

De billijke vergoeding voor muziek in het bedrijfsrestaurant hangt af van de oppervlakte van het restaurant.

Er is ook voorzien in een combinatietarief, voor muziek op de arbeidsplaats én voor muziek in het bedrijsrestaurant.

Niet- of laattijdige aangifte

Bij uitbaters die de nodige inlichtingen niet verstrekken vóór het begin van de openbare uitvoering wordt de billijke vergoeding verhoogd met 15%. De minimale verhoging bedraagt 75 euro.

Bij uitbaters die na een aangetekend schrijven nalaten om binnen 15 dagen de inlichtingen te verstrekken die nodig zijn om de billijke vergoeding te berekenen wordt de billijke vergoeding ook verhoogd met 15% (met een minimale verhoging van 75 euro).

Voor tijdelijke activiteiten, voor radio-omroepen of voor uitbaters van lokalen voor audiovisuele vertoningen gelden andere sancties.

Vrije beroepen

Vrije beroepen betalen normaal gezien geen billijke vergoeding meer voor de muziek in hun wachtkamer of praktijkruimte. Maar in bepaalde gevallen doen ze dat wel nog. Wel alleen maar als cumulatief aan vier voorwaarden is voldoen:

de muziek wordt bewust opgezet voor de bezoekers;

er is een sterk wisselend klantenbestand;

de mensen die tegelijk aanwezig zijn in de praktijk of de wachtruimte is doorgaans niet erg beperkt; en

de muziek wordt afgespeeld om meer winst te behalen.

Inwerkingtreding

Het nieuwe besluit van 17 december 2017 is in werking getreden op 1 januari 2018.

Bron: Koninklijk besluit van 17 december 2017 betreffende de billijke vergoeding van de uitvoerende kunstenaars en producenten voor de openbare uitvoering van fonogrammen of bij uitzending van fonogrammen via de omroep, BS 29 december 2017

Zie ook:
Wetboek van economisch recht (art. XI.213)