Interne organisatie COIV bijgestuurd

De interne organisatie van het Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring (COIV) wordt op enkele punten aangepast. Zodat het optimaal kan functioneren. Er komen anciënniteitsvoorwaarden en evaluatieregels voor de (adjunct-)directeur en de verbindingsmagistraten. Hun ambt is voortaan nog maar één keer hernieuwbaar. En magistraten van het openbaar ministerie kunnen er een tijdelijke opdracht krijgen.

Leiding

De leiding van het COIV - directeur en adjunct-directeur - blijft vijf jaar op post. Die vijfjarige termijn is voortaan maar één keer hernieuwbaar. Tot nu was dat twee keer.

Objectivering aanwijzingsprocedure

De aanwijzingsprocedure wordt objectiever. Het College van procureurs-generaal maakt voortaan een rangschikking op van de kandidaten en motiveert die rangschikking. Op basis van die rangschikking - en voor de functie van adjunct-directeur ook na advies van de directeur - wijst de minister van Justitie de directeur of adjunct-directeur aan. Een hernieuwing gebeurt na advies van het College van procureurs-generaal en - bij een adjunct-directeur - ook na advies van de directeur.

Zelfde startdatum

Beide functies starten voortaan op hetzelfde moment. Mocht dat in de praktijk toch niet het geval zijn, dan wordt de adjunct toch verondersteld met zijn functie gestart te zijn op de datum van de aanwijziging van de directeur.

Tekortkomingen

De minister van Justitie kan het ambt van directeur of adjunct-directeur vervroegd stopzetten wegens tekortkomingen. Voortaan is hierover wel het advies van het College van procureurs-generaal en - bij de adjunct - ook van de directeur vereist. De betrokken magistraat moet trouwens eerst door het College gehoord zijn of minstens behoorlijk opgeroepen zijn om gehoord te worden.

Aanwijzingsvoorwaarden

Zowel de directeur als zijn adjunct moeten op het moment van hun aanwijzing magistraat zijn bij het openbaar ministerie en beschikken over de kennis van de andere landstaal dan de taal van het diploma. Een directeur moet minstens tien jaar magistraat zijn, zijn adjunct minstens zes jaar.

Opdracht

De directeur heeft de volledige operationele leiding over het COIV en oefent gezag, leiding en toezicht uit over het personeel. Hij kan interne richtlijnen opstellen. Hij stelt de minister het aan te werven of ter beschikking te stellen gerechtspersoneel voor. En hij bepaalt zelf hoe een betrekking moet ingevuld worden (mutatie, mobiliteit, werving?).

De adjunct-directeur vervangt de directeur bij verhindering of afwezigheid.

Verbindingsmagistraten

De twee verbindingsmagistraten worden op dezelde manier aangewezen als de adjunct-directeur. Ook hun aanwijzing geldt voor vijf jaar, en kan één keer hernieuwd worden.

Voortaan zijn er ook voor de verbindingsmagistraten aanwijzingsvoorwaarden. Ze moeten bij een aanwijzing magistraat zijn bij het openbaar ministerie, in totaal al minstens drie jaar magistraat zijn en kennis hebben van de andere landstaal dan de taal van hun diploma. Die talenkennis is belangrijk omdat zij indien nodig de directeur of de adjunct-directeur moeten vervangen.

Het takenpakket van de verbindingsmagistraten wordt duidelijker omschreven. Zij staan onder meer in voor het toezicht op de afdelingen van het COIV die instaan voor 'beslagbeheer' en 'voordeelsontneming' en rapporteren hierover aan de directeur.

Personeel

Het personeel van het COIV wordt expliciet aangeduid als gerechtspesoneel. Hun aantal wordt niet meer bij KB vastgelegd, wel volgens de toegekende budgettaire middelen.

Terbeschikkinggestelde ambtenaren

Voortaan kunnen alleen nog ambtenaren van de FOD Justitie en van de politiediensten (vanaf nu zowel uit het operationele als administratieve en logistieke kader) ter beschikking gesteld worden van het COIV. Dat is niet meer mogelijk voor personeel uit andere FOD's of uit inningsinstellingen van sociale zekerheidsbijdragen.

Evaluatie

De directeur, de adjunct-directeur en de verbindingsmagistraten van het COIV zijn onderworpen aan dezelfde schriftelijke evaluatie als elke andere werkende beroepsmagistraat. Wegens de bijzondere positie die het COIV inneemt binnen de rechterlijke orde, zijn er wel enkele afwijkende regels.

Binnen het vijfjarige ambt worden ze twee keer geëvalueerd: in het midden en op het einde.

Tijdelijke opdracht

Magistraten van het openbaar ministerie kunnen een tijdelijke opdracht krijgen binnen het COIV, bijvoorbeeld om er strafrechtelijke uitvoeringsonderzoeken te doen.

Ze oefenen hun opdracht uit onder onmiddellijke leiding en toezicht van de directer van het COIV. Hun andere taken blijven ze uitoefenen onder leiding en toezicht van hun korpschef.

Tucht

De tuchtrechtelijke bevoegdheid over de (adjunct-)directeur en de verbindingsmagistraten ligt bij de procureur-generaal bij het hof van beroep te Brussel, die over de personeelsleden van het COIV bij de COIV-directeur.

Inwerkingtreding

De nieuwe wet van 4 februari 2018 treedt in werking op 1 juli 2018.

Bron: Wet van 4 februari 2018 houdende de opdrachten en de samenstelling van het Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring, BS 26 februari 2018