Nieuwe regularisatieperiode voor vergunningsplichtige wapens start vandaag

Mensen met een vergunningsplichtig maar niet-vergund vuurwapen kunnen dat vanaf vandaag aangeven bij de lokale politie zonder risico op strafvervolging. De nieuwe regularisatieperiode loopt van 1 maart tot en met 31 december 2018. Wie deze ?laatste kans? niet grijpt, riskeert een gevangenisstraf tot 5 jaar en een geldboete tot 25.000 euro. Het langverwachte KB met de details over de procedure is op 28 februari, net op tijd dus, in het Belgisch Staatsblad verschenen. We lichten de verschillende mogelijkheden toe.

Aangifte bij lokale politie

Wie een vergunningsplichtig wapen, munitie of lader wil aangeven, doet dat bij de lokale politie van zijn verblijfsplaats. Maar let op: men is verplicht om vooraf te laten weten dat men aangifte wil doen. Zomaar naar het politiekantoor trekken, mag dus niet. Men mag zich ook alleen aanbieden met een 'ongeladen, gedemonteerd en verpakt wapen', 'een lege en verpakte lader' of 'munitie die afzonderlijk van het wapen is verpakt'.

Aangifte bij andere instantie

In een aantal gevallen, moet men zich echter tot een andere instantie richten om aangifte te doen. Bijvoorbeeld: erkende wapenhandelaars die hun erkenning (formulier nr. 2) willen uitbreiden voor bepaalde laders, moeten hun aanvraag rechtstreeks indienen bij de gouverneur die bevoegd is voor hun vestigingsplaats.

Meerdere procedures mogelijk bij politie

Wie zich met een wapen, munitie of een lader aanbiedt bij de lokale politie, heeft immers verschillende opties. Men kan vragen om het betrokken voorwerp te erkennen of te vergunnen, maar men kan ook rechtstreeks vragen om het wapen, de lader of de munitie te neutraliseren of over te dragen aan een gemachtigd persoon. Afstand doen van het wapen kan uiteraard ook. Meerdere procedures met elk hun bijzonderheden.

In de meeste gevallen keren volgende stappen echter terug:

Aanvraag met oog op erkenning, vergunning of registratie

Aangifte bij lokale politie of gouverneur

Wanneer een erkend wapenhandelaar zijn erkenning (model nr. 2) voor een bepaalde lader wil uitbreiden of wanneer iemand een erkenning (model nr. 2) wil krijgen voor een bepaalde lader, is de gouverneur van de vestigingsplaats van de betrokkene aan zet. In alle andere gevallen is de lokale politie van de verblijfsplaats van de betrokkene het eerste aanspreekpunt.

Registratie in Centraal Wapenregister

De politieambtenaar zal ieder wapen dat hem wordt voorgelegd, op naam van de aanvrager registreren in het Centraal Wapenregister. Hij overhandigt de aanvrager een 'aangiftebewijs model 6A' en stuurt een kopie naar de gouverneur die bevoegd is voor de verblijfplaats van de aanvrager. Opgelet: voor aanvragen die uitgaan van houders van een jachtverlof of een sportschutterslicentie, gelden een aantal bijzondere bepalingen.

Onderzoek

Hoe dan ook wordt iedere aanvraag onderzocht. Tijdens dit onderzoek wordt nagegaan of de betrokkene en het wapen voldoen aan de erkennings- of vergunningsvereisten uit de Wapenwet.

Beslissing

Op basis daarvan wordt de erkenning of de vergunning van het betrokken voorwerp uiteindelijk toegekend of geweigerd. Een beslissing die door de gouverneur wordt genomen en niet door de lokale politie.

Bij een weigering moet de aangever het wapen, de lader of de munitie binnen de 3 maanden
- laten neutraliseren door de Proefbank voor vuurwapens;
- overdragen aan een persoon die wel gerechtigd is om het voorhanden te hebben; of
- afstaan aan de lokale politie van zijn verblijfsplaats.

Binnen de 8 dagen (te rekenen vanaf de neutralisering, overdracht of afstand) moet de aangever de gouverneur schriftelijk op de hoogte brengen van de uitvoering.

Wanneer blijkt dat de aangever geen gevolg heeft gegeven aan de weigeringsbeslissing of de gouverneur daarover niet heeft ingelicht, kan de lokale politie het wapen, de munitie of de lader in beslag nemen.

Aangifte met oog op neutralisering

Wie zijn niet-vergund wapen wil laten neutraliseren, biedt zich aan bij de lokale politie van zijn verblijfsplaats. Die registreert het wapen in het Centraal Wapenregister en levert een aangiftebewijs model nr. 6A af (met kopie naar de gouverneur). Tot hier toe wordt dus dezelfde procedure gevolgd als bij de aanvraag tot erkenning of vergunning.

Op het aangiftebewijs zal de politieambtenaar in dit geval echter aanduiden dat het wapen of de lader zal worden geneutraliseerd door de Proefbank voor Vuurwapens. De aangever moet zich dan binnen 3 maanden met zijn wapen en/of lader aanbieden bij de Proefbank.

Als het wapen of de lader niet binnen deze termijn geneutraliseerd is, kan de lokale politie het in beslag nemen.

Aangifte met oog op overdracht aan gemachtigd of erkend persoon

In dit geval noteert de lokale politieambtenaar op het aangiftebewijs model nr. 6A dat de overdracht van het wapen, de munitie of de lader wordt gevraagd. Ook hier geldt een deadline van 3 maanden. Binnen die periode moet het voorwerp zijn overgedragen of moet de betrokken overnemer een erkennings- of vergunningsaanvraag hebben ingediend.

Aangifte met oog op afstand

In dit geval levert de lokale politie een aangiftebewijs model 10A af waarin wordt aangegeven dat het wapen, de munitie of de lader vrijwillig wordt afgestaan. De Proefbank zal het wapen vernietigen (al bestaan hier een aantal afwijkingen op).

Na 31 december? Onontvankelijk!

Iedere aanvraag tot erkenning, vergunning of registratie gedaan naar aanleiding van een aangifte na 31 december 2018, is onontvankelijk. Dit wordt beoordeeld op basis van het aangiftebewijs.

De lokale politie van de verblijfsplaats van de betrokkene kan het wapen, de lader of de munitie die het voorwerp vormt van een onontvankelijke aanvraag, in beslag nemen.

Bestraffing

Wie na 31 december 2018 nog een vergunningsplichtig, maar niet-vergund wapen bezit, riskeert een gevangenisstraf van 1 maand tot 5 jaar en een geldboete van 100 tot 25.000 euro (of 1 van deze straffen). Is de overtreder een erkend wapenhandelaar of een erkende tussenpersoon dan geldt een strafminimum van een jaar gevangenisstraf.

Bewaren voor politiescholen en musea

De directeur van de Proefbank voor Vuurwapens en de politiediensten kunnen - met toestemming van de minister van Justitie - beslissen om zeldzame en interessante exemplaren toch niet te vernietigen omwille van 'wetenschappelijke, didactische of historische redenen'. De betrokken wapens, munitie, of laders worden dan aan politiescholen, wetenschappelijke instellingen of openbare musea bezorgd.

Verslag aan regering

Uiteraard hoopt de federale regering op een succesvolle amnestieperiode. De federale regering vraagt de minister van Justitie alvast om na de aangifteperiode verslag uit te brengen op basis van het cijferwerk van de gouverneurs.

In werking

De betrokken artikelen 4, 5 en 8 van het KB van 26 februari 2018 en artikel 27 van de hervormde Wapenwet treden in werking op 1 maart 2018.

Bron: Koninklijk besluit van 26 februari 2018 tot wijziging van diverse Koninklijke besluiten ter uitvoering van de wapenwet, betreffende de uitlening, de neutralisering en de vernietiging van vuurwapens en tot bepaling van de procedure bedoeld in artikel 45/1 van de wapenwet, BS 28 februari 2018.

Bron: Omzendbrief van 28 februari 2018 met betrekking tot de regelgeving omtrent laders, de aangifteperiode voor vuurwapens in 2018 en het attest met het oog op neutralisering of vernietiging van vuurwapens, BS 1 maart 2018.

Zie ook
Wet van 7 januari 2018 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens en van het Burgerlijk Wetboek, BS 12 januari 2018.
Koninklijk besluit van 29 december 2006 tot uitvoering van sommige bepalingen van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens, BS 9 januari 2007.