Zelfstandigenstatuut: uitvoeringsbesluiten afgestemd op nieuwe bijdrageregeling

Een verzamelwet van 15 juli 2016 heeft de wettelijke basis versterkt van de bestaande voorzieningen in de sociale zekerheid voor zelfstandigen. Samengevat komt het erop neer dat een nieuw artikel 18bis in het KB nr. 38 de maatregelen (moederschapshulp, adoptie-uitkering, zorg) omschrijft die de verzoening tussen het professionele leven en het privéleven van de zelfstandigen bevorderen.

Voor elke voorziening worden de regels opgelijst die de Koning kan bepalen. Die regels komen onder andere aan bod in:

een KB van 20 december 2006 tot invoering van de toekenningsvoorwaarden van een adoptie-uitkering ten gunste van de zelfstandigen;

een KB van 27 september 2015 houdende toekenning van een uitkering ten voordele van de zelfstandige die zijn beroepsactiviteit tijdelijk onderbreekt om zorgen te geven aan een persoon.

Beide KB's worden nu met ingang van 1 april 2018 afgestemd op de recent aangepaste bijdrageregeling voor zelfstandigen. Men zorgt juridisch-technisch voor de juiste verwijzingen.

De aanpassingen in de bijdrageregeling draaien om de invoering van:

vier nieuwe drempels voor de vermindering van de voorlopige sociale bijdragen;

een lagere inkomensdrempel voor de berekening van de definitieve minimumbijdrage van starters tijdens de vier eerste opeenvolgende kwartalen, en tijdens dezelfde periode werden twee nieuwe drempels ingevoerd voor de vermindering van de voorlopige bijdragen.

Bron: Koninklijk besluit van 29 maart 2018 tot uitvoering van artikel 18bis, §§ 2 en 3, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, BS 18 april 2018