Nietigheidsleer toepasselijk op betekeningen, kennisgevingen, neerleggingen en mededelingen (art. 7-10 en 13 Wet Werklastvermindering Justitie)

In Titel I, hoofdstuk VII (art. 32-47) van het Gerechtelijk Wetboek staan de regels voor de betekeningen, kennisgevingen, neerleggingen en mededelingen. De nieuwe wet van 25 mei 2018 voorziet nu - in het nieuwe artikel 47bis - in een overkoepelende nietigheidsbepaling voor al deze regels: alle bepalingen uit hoofdstuk VII zijn voorgeschreven op straffe van nietigheid. Als de betekening of kennisgeving van een beslissing nietig is, start de termijn om een rechtsmiddel in te stellen niet.

Deze nieuwe bepaling zorgt er voor dat de nietigheidsleer integraal van toepassing is op de betekeningen, kennisgevingen, neerleggingen en mededelingen. De sanctie 'ongedaan' (bij een betekening) verdwijnt hierdoor uit de art. 38 en 40 Ger.W.

Deze wijzigingen treden in werking op 9 juni 2018.

Bron: Wet van 25 mei 2018 tot vermindering en herverdeling van de werklast binnen de rechterlijke orde, BS 30 mei 2018 (art. 7?10 en 13 Wet Werkklastvermindering Justitie)

Zie ook:
Gerechtelijk Wetboek (art. 38, 40, 43, 45 en 47bis)