Logge procedure bij voornaamsverandering verdwijnt (art. 119-136 DB burgerlijk recht)

Wie een andere voornaam wil, hoeft niet langer een zware procedure te doorlopen. Voortaan kan men hiervoor terecht bij de ambtenaar van de burgerlijke stand. En het is de gemeente die bepaalt hoeveel een voornaamswijziging gaat kosten. Ook aan de procedure voor de naamsverandering wijzigt een en ander, hoewel de minister van Justitie de beslissende instantie blijft. De naamswijziging wordt fors duurder (140 euro) en dat bedrag moet vanaf nu op voorhand betaald worden. Andere belangrijke nieuwigheid is dat - bij weigering van een naams- of voornaamswijziging - de familierechtbank zich hierover kan uitspreken.

Voornaamsverandering

Voortaan moet elke vraag tot voornaamsverandering ingediend worden bij de ambtenaar van de burgerlijke stand. En niet meer bij de minister van Justitie.

De aanvraag wordt ingediend in de gemeente waar men is ingeschreven in het bevolkingsregister, vreemdelingenregister of wachtregister. Wie in het buitenland verblijft en niet meer in een van die registers is ingeschreven, kan terecht bij de gemeente waar hij het laatst in die registers was ingeschreven. Wie nog nooit in die registers is ingeschreven (geboren in het buitenland en nooit in België gewoond) richt zich tot de ambtenaar van de burgerlijke stand van het eerste district van Brussel.

De ambtenaar van de burgerlijke stand moet - vooraleer hij de voornaamsverandering kan toestaan - voortaan eerst de gerechtelijke antecedenten onderzoeken. Hij kan de voornaamsverandering alleen toestaan als de nieuwe voornaam niet zorgt voor verwarring en de verzoeker of anderen niet kan schaden. Bij ernstige twijfel vraagt hij het advies van de procureur des Konings.

De gemeente bepaalt zelf hoeveel een voornaamsverandering kost. Tot nu moest een registratierecht van 490 euro betaald worden. In bepaalde gevallen gold een gunsttarief. Dit registratierecht wordt afgeschaft.
Voor transgenders mag de gemeentelijke retributie niet hoger zijn dan 10 procent van het normale gemeentelijke tarief. En vreemdelingen zonder voornaam die de Belgische nationaliteit hebben aangevraagd, betalen geen gemeentelijke retributie.

De ambtenaar die de voornaamsverandering toestaat, krijgt drie maanden vanaf het verzoek om de verandering over te schrijven in de registers van de burgerlijke stand en de kantmeldingen te maken (akten burgerlijke stand betrokkene en geboorteakten van diens kinderen). De voornaamsverandering gaat in op de datum van de overschrijving. Weigert de ambtenaar de voornaamsverandering, dan meldt hij dat aan de verzoeker.

Naamsverandering

De minister van Justitie blijft bevoegd om vragen voor naamsverandering te ontvangen. Maar ook hier zijn toch wat wijzigingen te noteren.

Een verzoek tot naamsverandering is voortaan pas ontvankelijk waneer vooraf het registratierecht is betaald. Zolang dat niet betaald is, kan het verzoek dus niet onderzocht worden. Het registratierecht bedraagt voortaan 140 euro. Tot nu ging het om 49 euro. Het recht moet betaald worden vóór de indiening van het verzoek. Betaling gebeurt aan het elektronisch loket via My Minfin of bij het kantoor dat bevoegd is voor de verblijfplaats van de verzoeker. Bij gebrek aan verblijfplaats gebeurt de betaling bij het kantoor te Brussel. Bepaalde verzoekers zijn vrijgesteld van het registratierecht.

Naamsverandering kan - net als vroeger - enkel toegestaan worden wanneer de vraag op ernstige redenen steunt en de gevraagde naam niet zorgt voor verwarring en de belangen van de verzoeker of derden niet kan schaden. Nieuw is dat - ook bij een naamsverandering - voortaan ook de gerechtelijke antecedenten moeten onderzocht worden.

De vergunning tot naamsverandering wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. Voortaan is de naamsverandering definitief vanaf die publicatie. De verzetsmogelijkheid verdwijnt immers. Derden kunnen wel een vernietigingsverzoek instellen bij de Raad van State. In uitzonderlijke gevallen én enkel na advies van het openbaar ministerie moet de naamsverandering niet in het Staatsblad komen. Zij is dan definitief vanaf de ondertekening van de veranderingsvergunning. Die piste kan bv. gevolgd worden wanneer de bekendmaking gevaarlijk kan zijn voor de betrokkene.

Binnen 15 dagen na het definitief worden van de naamsverandering bezorgt de minister van Justitie - en niet meer de begunstigde - een afschrift aan de ambtenaar van de burgerlijke stand voor overschrijving in de registers van de burgerlijke stand. De ambtenaar doet dat binnen 15 dagen na ontvangst. De naamsverandering heeft gevolgen vanaf de overschrijving.

Zodra de vergunning gevolgen heeft op juridisch vlak - dus van zodra ze is overgeschreven in de registers - brengt de ambtenaar van de burgerlijke stand voortaan ook de begunstigde hiervan op de hoogte.

Vordering bij familierechtbank

Wanneer de minister de naamswijziging weigert of de ambtenaar van de burgerlijke stand de voornaamswijziging niet toestaat, kan de betrokkene een vordering instellen bij de familierechtbank - via een verzoekschrift. Dat moet gebeuren binnen 30 dagen nadat kennis is gegeven van de weigering. De rechtbank beoordeelt de aanvraag op dezelfde punten als de minister van Justitie of de ambtenaar van de burgerlijke stand dat moeten doen. De griffie deelt de beslissing - binnen de maand na de dag waarop ze in kracht van gewijsde is gegaan - mee aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. Die schrijft dan de eventueel toegestane naam- of voornaamswijziging over in zijn registers.

Inwerkingtreding

Deze nieuwe regels treden in werking 1 augustus 2018.

Bron: Wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing, BS 2 juli 2018 (art. 119?136 DB burgerlijk recht)

Zie ook:
Wet van 15 mei 1987 betreffende de namen en voornamen
W.Reg. (art. 249 e.v.)