Nieuwe detentievorm: plaatsing in transitiehuis (art. 68-79 Verzamelwet Strafzaken)

De wetgever creëert een nieuwe detentievorm: de plaatsing in een transitiehuis. Een aantal gedetineerden kan naar het einde van hun detentie toe terecht in een transitiehuis. Transitiehuizen zijn kleinschalige projecten waarbij gedetineerden de kans krijgen om het laatste deel van hun vrijheidsstraf door te brengen in een aangepaste infrastructuur. En daar wordt gewerkt rond zelfstandig wonen, werk zoeken, relaties aangaan en opnieuw functioneren buiten de beveiligde muren.

Transitiehuis

Transitiehuizen zijn door de overheid erkende inrichtingen waar veroordeelden kunnen geplaatst worden om hun vrijheidsstraf te ondergaan. Om een erkenning te kunnen krijgen moet de inrichting voldoen aan architectonische, organisatorische, personele en functionele eisen. Er komt ook een regeling voor de financiering van de plaatsingskosten door de federale overheid.

De verantwoordelijke van het transitiehuis heeft toegang tot de dossiergegevens van de veroordeelde om de opdrachten die met de plaatsing gepaard gaan te kunnen uitvoeren. Tussen de verantwoordelijke en de minister wordt een overeenkomst gesloten rond de uitvoering van de plaatsingen. Een modelovereenkomst wordt nog bij KB vastgelegd.

Plaatsingsvoorwaarden

De gedetineerde moet aan een vijftal voorwaarden voldoen voor plaatsing in een transitiehuis.

Eerst en vooral is er een tijdsvoorwaarde. De veroordeelde bevindt zich op 18 maanden van zijn toelaatbaarheidsdatum voor een voorwaardelijke invrijheidstelling. Deze periode is voldoende lang om de snelheid van het re-integratietraject optimaal af te kunnen stemmen op de behoefden of mogelijkheden van de verdoordeelde in het licht van zijn reclassering.

De gedetineerde moet de vaardigheden hebben om in een open gemeenschap te kunnen leven.

In hoofde van de veroordeelde mogen geen tegenaanwijzingen aanwezig zijn die niet kunnen opgelost worden via het opleggen van bijzondere voorwaarden. Die tegenaanwijzingen gaan over het gevaar dat de veroordeelde wegloopt, ernstige strafbare feiten pleegt of de slachtoffers lastig valt.

De veroordeelde moet instemmen met het plaatsingsplan en met de voorwaarden die aan de plaatsing gekoppeld zijn. Het plaatsingsplan beschrijft het programma dat de veroordeelde moet volgen en geeft weer aan welke activiteiten hij moet deelnemen met het oog op zijn re-integratie.

Tot slot moet de veroordeelde ook instemmen met het huishoudelijk reglement van het transitiehuis. Dat begrenst de vrijheid van komen en gaan.

Plaatsingsprocedure

Het is de minister van Justitie die beslist of een veroordeelde wordt geplaatst in een transitiehuis. Hij doet dat op schriftelijke vraag van de gevangenisdirecteur, die vergezeld is van een gemotiveerd advies.

De plaatsingsbeslissing wordt binnen 24 uur gemeld aan de procureur des Konings van het arrondissement van de plaatsing.

Weigert de minister de plaatsing, dan kan de veroordeelde niets doen. Het is aan de gevangenisdirecteur om later eventueel een nieuwe aanvraag in te dienen.

De minister kan voorwaarden aan de plaatsing koppelen. Een voorwaarde die in elk geval geldt is het niet-plegen van nieuwe strafbare feiten. Andere voorwaarden zijn de naleving van het huishoudelijk reglement en het plaatsingsplan. Bijzondere voorwaarden zijn ook mogelijk.

De minister duidt de gevangenis aan die het detentiedossier van de veroordeelde beheert tijdens zijn plaatsing.

Herroeping

Als er in de loop van de plaatsing een tegenaanwijzing ontstaat die niet bestond op het moment van de plaatsingsbeslissing of als blijkt dat de veroordeelde de plaatsingsvoorwaarden niet naleeft, verwittigt de verantwoordelijke van het transitiehuis de gevangenisdirecteur die het detentiedossier beheert. De gevangenisdirecteur bezorgt het verslag van de verantwoordelijke, samen met de eventuele opmerkingen van de veroordeelde, aan de minister. En die kan twee zaken doen: ofwel de voorwaarden aanpassen ofwel een einde maken aan de plaatsing. De schorsing van de plaatsing is niet mogelijk. Bij heel dringende gevallen kan de gevangenisdirecteur zelf de plaatsing herroepen. Een beslissing die de minister zo snel mogelijk moet bekrachtigen.

Bij een herroeping komt de veroordeelde in de gevangenis waar zijn detentiedossier wordt beheerd.

Aanhouding

Veroordeelden in een transitiehuis die de fysieke of psychische integriteit van derden ernstig in gevaar brengen, kunnen voorlopig aangehouden worden.

Inwerkingtreding

De artikelen 68 tot 79 van de wet van 11 juli 2018 treden in werking op 28 juli 2018.

Bron: Wet van 11 juli 2018 houdende diverse bepalingen in strafzaken, BS 18 juli 2018 (art. 68?79 Verzamelwet Strafzaken)

Zie ook:
Wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten (art. 9/1 e.v.)