Betalingsdiensten: Wetboek van economisch recht op richtlijn PSD II afgestemd

Een nieuwe wet van 19 juli 2018 wijzigt het Wetboek van economisch recht (WER) en voert in verschillende boeken ervan bepalingen in inzake betalingsdiensten. Deze wet zet in het bijzonder een deel van richtlijn PSD II (richtlijn 2015/2366/EU van 25 november 2015) om, die zelf richtlijn PSD I (richtlijn 2007/64/EG van 13 november 2007) heeft vervangen. De nieuwe bepalingen treden in principe in werking op 9 augustus 2018.

Richtlijn PSD I

Richtlijn PSD I werd omgezet in nationaal recht in twee afzonderlijke wetten:

enerzijds, de wet van 10 december 2009 ?betreffende de betalingsdiensten?, die de gedragsregels tussen de betalingsdienstaanbieder en -gebruiker heeft geregeld en werd opgenomen in het huidige Boek?VII van het WER door de wet van 19?april 2014 ?houdende invoeging van boek?VII ?Betalings- en kredietdiensten? in het WER, houdende invoeging van de definities eigen aan boek?VII en van de straffen voor de inbreuken op boek?VII, in de boeken?I en XV van het WER en houdende diverse andere bepalingen?;

anderzijds, de wet van 21 december 2009 ?op het statuut van de betalingsinstellingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen?, die het prudentiële luik, het toezicht van de nieuwe categorie betalingsinstellingen en hun toegang tot de betalingssystemen heeft geregeld.

Richtlijn PSD II

Richtlijn PSD II is op dezelfde wijze opgebouwd als richtlijn PSD I en omvat eveneens twee luiken. Ze streeft de creatie na van een modern en samenhangend juridisch kader voor de betalingsdiensten op Europees niveau en herneemt voor een groot deel bestaande regels van richtlijn PSD I.

Sinds richtlijn PSD I hebben er zich in de markt van de retailbetalingen significante technische innovaties voorgedaan, met een snelle toename van het aantal elektronische en mobiele betalingen en de opkomst van nieuwe soorten betalingsdiensten op de markt. Richtlijn PSD II heeft dan ook de bedoeling het wetgevend kader aan te passen, rekening houdende met deze nieuwe soorten betalingsdiensten, zoals betalingsinitiatiediensten en rekeninginformatiediensten.

De afgelopen jaren zijn de veiligheidsrisico's verbonden aan elektronische betalingen toegenomen als gevolg van de groeiende technische complexiteit van elektronische betalingen, de wereldwijd steeds grotere volumes aan elektronische betalingen en de nieuwe soorten betalingsdiensten. De regels inzake veiligheid in relatie tot de risico's werden dan ook veel meer omkaderd.

Dit alles moet leiden tot een grotere efficiëntie van het betalingssysteem in zijn geheel en tot een ruimere keuze en meer transparantie op het gebied van betalingsdiensten. Tegelijk dient dit het vertrouwen van consumenten in een geharmoniseerde betaalmarkt te versterken. Efficiënte en beter beveiligde betalingsdiensten zijn immers essentieel voor het functioneren van vitale economische en sociale activiteiten.

Omzetting

De nieuwe wet van 19 juli 2018 zet de volgende delen om:

titel I van richtlijn PSD II, inclusief bijlage I, met betrekking tot het toepassingsgebied en de definities;

titel III, over de transparantie- en informatievereisten met betrekking tot de betalingsdiensten;

het grootste deel van titel IV, over de rechten en plichten van de betalingsdienstaanbieder en betalingsdienstgebruiker ten aanzien van elkaar met betrekking tot het aanbieden en het gebruik van betalingsdiensten; en

de relevante bepalingen van titel VI van richtlijn PSD II.

Het prudentieel toezicht bedoeld in titel II en een aantal bepalingen van titel IV van richtlijn PSD II, die betrekking hebben op het toezichtstatuut en het adequate risicobeheer (zoals de regels inzake sterke cliëntauthenticatie, de rapportering van incidenten, enz.), worden in een afzonderlijk wetsontwerp gegoten die de wet van 21?december 2009 op de betalingsinstellingen zal vervangen en opheffen.

Daar waar het nodig wordt geacht in het kader van de aansprakelijkheidsregels van de betalingsdienstaanbieder ten aanzien van de betalingsdienstgebruiker en de controle door de bevoegde overheidsinstantie in uitvoering van boek XV van het WER, zullen specifieke aspecten inzake 'rapportering van incidenten' opgenomen worden in het WER.

In werking

De wet van 19 juli 2018 treedt in werking op 9 augustus 2018, de tiende dag naar haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad, met uitzondering van de beveiligingsmaatregelen bedoeld in artikel?259, tweede lid, van de wet van 11 maart 2018 'betreffende het statuut van en het toezicht op de betalingsinstellingen en de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld, en de toegang tot betalingssystemen'.

Bron: Wet van 19 juli 2018 houdende wijziging en invoering van bepalingen inzake betalingsdiensten in verschillende boeken van het Wetboek van economisch recht, BS 30 juli 2018.

Zie ook:
- Wetboek van economisch recht van 28 februari 2013, BS 29 maart 2013 (WER)
- Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt, houdende wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en houdende intrekking van Richtlijn 2007/64/EG, Pb. L 337 van 23 december 2015; rectificatie Pb. L 102 van 23 april 2018.