Integratietegemoetkoming aan personen met een handicap hoger vanaf 1 juli 2018

De integratietegemoetkoming waarop personen met een handicap met een verminderde zelfredzaamheid recht hebben wordt vanaf 1 juli 2018 opgetrokken. De verhoging is eenvormig van toepassing op de vijf categorieën van bedragen die werden vastgesteld op basis van de graad van zelfredzaamheid van de betrokkene. Deze maatregel geeft concreet gestalte aan het akkoord over armoedebestrijding dat op 30 maart 2018 in de Ministerraad werd gesloten.

De integratietegemoetkoming wordt onder bepaalde voorwaarden (leeftijd, inkomen, enz.) toegekend aan personen met een handicap die moeilijkheden ondervinden om hun dagelijkse taken uit te voeren (zich verplaatsen, koken, eten, zich wassen, schoonmaken, enz.). Het bedrag van de tegemoetkoming varieert naargelang de graad van zelfredzaamheid die de arts beoordeelt aan de hand van een schaal van criteria (van 0 tot 3 punten per criterium). Om recht te hebben op deze tegemoetkoming moet de persoon op alle beoordeelde criteria samen ten minste 7 punten hebben gescoord. Deze beoordeling bepaalt tot welke categorie de persoon met een handicap behoort.

Vanaf 2018 wordt het basisjaarbedrag van de integratietegemoetkoming met 37,73 euro opgetrokken voor elk van de vijf categorieën van gerechtigden (maximumbedragen):

voor categorie 1 (graad van zelfredzaamheid van 7 of 8 punten): 908,33 euro (in plaats van 870,60 euro);

voor categorie 2 (graad van zelfredzaamheid van 9 tot 11 punten): 3.004,40 euro (in plaats van 2.966,67 euro);

voor categorie 3 (graad van zelfredzaamheid van 12 tot 14 punten): 4.778,10 euro (in plaats van 4.740,37 euro);

voor categorie 4 (graad van zelfredzaamheid van 15 tot 16 punten): 6.943,85 euro (in plaats van 6.906,12 euro);

voor categorie 5 (graad van zelfredzaamheid van ten minste 17 punten): 7.872,29 euro (in plaats van 7.834,56 euro).

De werkelijke jaarbedragen op 1 juli 2018 (aanpassing buiten index) worden meegedeeld op de website van de FOD Sociale Zekerheid. Ze bedragen respectievelijk 1.246,96 euro, 4.124,44 euro, 6.559,38 euro, 9.532,52 euro en 10.807,08 euro.

Het gaat om maximumbedragen die naargelang de situatie van de gerechtigde kunnen worden verlaagd.

Bron: Koninklijk besluit van 15 juli 2018 houdende verhoging van de bedragen van de integratietegemoetkoming met toepassing van artikel 6, § 6, van de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap, B.S., 2 augustus 2018