Wet over burgerinfiltratie treedt op 17 augustus in werking

De wet die burgerinfiltratie invoert als vierde bijzondere opsporingsmethode treedt in werking op 17 augustus 2018. De tekst maakt het mogelijk dat burgers, al dan niet onder een fictieve identiteit en mits machtiging door het openbaar ministerie, kunnen worden ingezet om te infiltreren in terroristische groepen en criminele organisaties. Momenteel kan dat niet. Infiltratie is wettelijk gezien voorbehouden aan politieambtenaren en de informantenwerking (behoudens de kortstondige bijstand van een deskundige burger bij een infiltratie door een politieambtenaar wat wel al is toegelaten). De huidige mogelijkheden blijken echter niet te volstaan om afdoende informatie te vergaren over personen of groepen die ervan verdacht worden terroristische misdrijven te beramen.

Vierde BOM

Het Wetboek van Strafvordering voorziet momenteel 3 bijzondere opsporingsmethoden (BOM): de observatie, de infiltratie en de informantenwerking. De wetgever voegt burgerinfiltratie nu toe als vierde methode. Een tegemoetkoming naar de opsporings- en politiediensten toe die het steeds moeilijker hebben binnen het bestaande kader. Informanten rekruteren in terroristische milieus gaat moeizaam, net als infiltreren als politieambtenaar (zware controles, vertrouwenstesten, taal, gewoontes, enz.). De politie, het openbaar ministerie en de onderzoeksrechters zijn dan ook al langer vragende partij om de rol van burgers bij de opsporing van terrorisme en criminele organisaties aan te scherpen. Door de aanslagen van 22 maart 2016 kwam het dossier in een stroomversnelling met de huidige wetswijziging als resultaat.

Heel wat andere Europese landen hebben de voorbije jaren ook een regeling uitgewerkt die de inzet van burgers bij infiltraties mogelijk maakt. België heeft dan ook heel wat geleerd uit hun ervaring en kennis.

Let wel, de wetgever heeft in de tekst niet gekozen voor een uitbreiding van de informantenwerking. De burgerinfiltratie als afzonderlijke BOM biedt immers specifieke aanvullende waarborgen en laat aanvullende controlemaatregelen toe.

Ruime definitie

Een burgerinfiltrant is een persoon die geen politieambtenaar is, en die mits machtiging van het Openbaar Ministerie (en onder controle van de Kamer van Inbeschuldigingstelling), al dan niet onder een fictieve identiteit, op basis van vertrouwelijkheid duurzaam en gestuurd contact houdt met een of meerdere personen waarvan er ernstige aanwijzingen zijn dat zij in de wet opgesomde strafbare feiten plegen of zouden plegen.

Kortom: vanaf het moment dat er een persoon wordt ingezet die geen politieambtenaar is, zullen de regels inzake burgerinfiltratie dus van toepassing zijn. Met andere woorden ook de bijzondere opsporingsambtenaren (zoals de leden van de Algemene Administratie Douane en Accijnzen, administratief personeel van de politie, officieren van gerechtelijke politie met een bijzondere of algemene bevoegdheid) zullen, indien ze als infiltrant worden ingezet, een burgerinfiltrant zijn. Geen van hen kan immers optreden als infiltrant conform artikel 47octies §1 Sv.

Alleen bij zeer ernstige misdrijven

De burgerinfiltrant kan worden ingezet in het opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek. Hieronder vallen dus zowel gepleegde en aan het licht gebrachte misdrijven en de proactieve recherche.

De inzet is beperkt tot de opsporing en vervolging van georganiseerde criminaliteit (art. 90ter §2 tot en met 4 Sv.) en het terrorisme (Boek 2, Titel Iter Sw.).

Subsidiariteit

Net zoals de politionele infiltratie, kan de burgerinfiltratie alleen worden toegepast als het onderzoek dat vereist en indien de overige onderzoeksmiddelen niet lijken te volstaan om de waarheid aan de dag te brengen. Er moet altijd worden nagegaan of de politionele infiltratie zou volstaan om hetzelfde doel te bereiken.

Plegen van misdrijven

Burgerinfiltranten mogen in principe geen misdrijven plegen. Maar het Openbaar Ministerie kan het plegen van bepaalde misdrijven in een afzonderlijke beslissing machtigen. Deze misdrijven mogen niet ernstiger zijn dan de feiten waarvoor de burgerinfiltratie wordt ingezet en moeten evenredig zijn met het nagestreefde doel. Ze moeten bovendien kaderen in de opdracht van de burgerinfiltrant en kunnen alleen gepleegd worden 'met het oog op het welslagen ervan' of ter verzekering van de eigen veiligheid of deze van andere bij de operatie betrekken personen. Misdrijven die een aantasting inhouden van de fysieke integriteit van een persoon zijn nooit toegestaan.

Anders dan voor politionele infiltranten mogen burgerinfiltranten nooit onvoorzienbare misdrijven plegen. Ook provocatie is verboden. De omschrijving hiervan in de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering wordt trouwens vervangen. Voortaan is er sprake van provocatie 'wanneer er in hoofde van de dader het voornemen om een misdrijf te plegen rechtstreeks is ontstaan of versterkt, of is bevestigd terwijl hij dit wilde beëindigen, door de tussenkomst van een politieambtenaar, van een derde handelend op het uitdrukkelijk verzoek van deze ambtenaar of van een burgerinfiltrant in het kader van een burgerinfiltratie.

Controle en begeleiding

De controle op burgerinfiltratie is dezelfde als die voor politionele infiltratie. De bepalingen worden uitgebreid, rekening houdend met de bijzondere situatie van de burgers.

Burgerinfiltratie kan alleen mits begeleiding door een beperkt aantal hooggespecialiseerde politieambtenaren. Net zoals de politionele infiltratie wordt de uitvoering exclusief toegekend aan de Directie van de Speciale Eenheden van de federale politie. Wordt een informant een burgerinfiltrant dan zal het dossier dus niet meer worden opgevolgd door de contactambtenaren van de lokale politie of de gedeconcentreerde of centrale gerechtelijke directie, maar door de begeleidingsambtenaren van de speciale eenheden.

De controleambtenaren zijn politieambtenaren van de Directie Speciale Eenheden, andere dan diegene die begeleiding geven.

In werking

De wet van 22 juli 2018 treedt in werking op 17 augustus (10 dagen na publicatie)

Bron: Wet van 22 juli 2018 tot wijziging van het Wetboek van strafvordering en van de voorafgaande titel van het Wetboek van strafvordering met het oog op het invoeren van de bijzondere opsporingsmethode burgerinfiltratie, BS 7 augustus 2018.