Bijkluswet nu al bijgestuurd

De Bijkluswet - 'economische relance en sociale cohesie' - maakt onbelast bijverdienen mogelijk. Dat kan voor werknemers die minstens 4/5 werken, voor zelfstandigen in hoofdberoep en voor gepensioneerden. Sinds 15 juli 2018 moeten de klussen worden aangegeven via de onlinedienst Bijklussen.

De Bijkluswet, die op 26 juli verschenen is in het Belgisch Staatsblad, wordt nu al bijgestuurd. De wijzigingen komen er na contacten tussen de federale regering en de regeringen van de deelstaten, zo blijkt uit het bijhorend verslag. Ze treden in werking op 22 november 2018.

Verenigingswerk

In de lijst met toegestane activiteiten worden de jeugdbewegingen en de speelpleinwerking geschrapt. Enkele andere activiteiten worden nauwkeuriger omschreven.

'Cultureel erfgoed en natuur' worden gedefinieerd als 'kunsten, erfgoed en natuur', zodat de omschrijving beter aansluit bij de terminologie van de sector. En men verduidelijkt dat het 'speelterrein' waarnaar wordt verwezen, de 'speelplaats van de school' is. De te ruim geformuleerde activiteit nummer 9 wordt geschrapt en vervangen door de betere omschrijving van de activiteiten met nummers 12, 14 en 15.

Vergoeding

Wie tegen betaling bijklust, mag tot 6.130 euro per jaar (geïndexeerd bedrag 2018) bijverdienen zonder er belastingen of sociale bijdragen op te betalen. Het moet gaan om verenigingswerk, diensten van burger aan burger of activiteiten in de deeleconomie. En de inkomsten uit verenigingswerk en uit diensten aan burgers mogen samen niet meer dan 510,83 euro per maand (geïndexeerd bedrag 2018) bedragen.

Op vraag van de ministers van Sport krijgt de Koning de bevoegdheid om de maandelijkse drempel te verhogen voor inkomsten uit specifieke categorieën van het verenigingswerk. Een KB kan daar voorwaarden aan koppelen. Het jaarbedrag blijft van toepassing.
De verhoging mag niet meer bedragen dan 1/12 van het jaarbedrag. We noteren hier een kruisverwijzing naar het Wetboek van de inkomstenbelastingen (fiscale regeling bij verhoging maandgrens).
Let wel, de Nationale Arbeidsraad (NAR) heeft zich kritisch opgesteld.

Ook wanneer een verenigingswerker actief is in meer dan één categorie van het verenigingswerk, blijft de bovengrens van kracht (categorie van verenigingswerk waarin hij actief is met de hoogste verhoging).

Let op! Om langer dan twaalf maanden (na bekendmaking in het Belgisch Staatsblad) uitwerking te kunnen hebben, zullen dergelijke KB's bekrachtigd moeten worden.

Antimisbruikbepaling

De Bijkluswet bepaalt dat verenigingswerk niet toegestaan is indien de verenigingswerker verbonden is met de vereniging door een arbeidsovereenkomst, een statutaire aanstelling of een dienstverleningsovereenkomst (of een overeenkomst binnen de Uitzendarbeidswet). De sperperiode bedraagt één jaar, voorafgaand aan het begin van de prestaties.

Er bestaat al een uitzondering voor studenten en bij pensionering, maar nu komt er op vraag van de sportclubs een bijkomende uitsluiting voor wie in die periode in de vereniging activiteiten heeft uitgeoefend in toepassing van artikel 17 van het RSZ-besluit (en dit gedurende maximum 25 dagen), zodat men alsnog in dezelfde vereniging verenigingswerk kan uitoefenen.

Bron: Wet van 30 oktober 2018 tot wijziging van de wet van 18 juli 2018 betreffende de economische relance en de versterking van de sociale cohesie en van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, BS 12 november 2018